Wie in Nederland een broccoli koopt, heeft een behoorlijke kans dat die ooit als klein plantje begon bij Plantenkwekerij Gitzels in Wervershoof. Het familiebedrijf produceert jaarlijks zo’n 200 miljoen planten en behoort tot de twaalf finalisten van de NHN Business Awards 2026.
In de podcastserie *De Kracht achter het Succes* praten presentatoren Ger Welbers en Esther Zijl, directeur van Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord en juryvoorzitter van de NHN Business Awards, met William Gitzels over familie, vakmanschap, innovatie en de toekomst van de tuinbouw.
Gitzels stond zelf jaren aan het roer, maar droeg de leiding ruim twee jaar geleden over aan de volgende generatie. „Ik ben in eerste instantie kweker en teler”, zegt hij. In 2000 verhuisde het bedrijf naar glastuinbouwgebied Het Grootslag in Wervershoof. „Zonder ondernemerschap was het niet geworden wat het nu geworden is.”
Wat daar gebeurt, vat Gitzels eenvoudig samen: „Als je morgen een broccoli koopt in de winkel, dan is hij waarschijnlijk bij ons geboren.” Gitzels levert jonge planten voor onder meer broccoli, bloemkool en witte kool aan vollegrondstelers. Daarnaast werkt het bedrijf voor zaad- en veredelingsbedrijven in Seed Valley. „Zaadbedrijven zijn goed in kleine vierkante meters en dure handjes. Wij zijn goed in grote vierkante meters en handige handjes.”
Achter zo’n klein plantje gaat veel meer technologie schuil dan je zou verwachten. De kwaliteit moet steeds constanter worden, zeker nu telers hun planten steeds vaker volautomatisch in de grond zetten. „Het is kennis, maar het is ook vakmanschap. Ik denk dat die twee niet zonder elkaar kunnen.” Ondanks moderne kassen en klimaatregeling blijven volgens Gitzels „groene vingers” onmisbaar om onder wisselende omstandigheden precies de juiste plant af te leveren. (tekst loopt door onder de foto)
Links Ger Welbers, in het midden William Gitzels en rechts Esther Zijl. (foto: Streekstad Centraal)
En dat gebeurt op enorme schaal. „We maken zo’n 200 miljoen planten per jaar.” In drukke periodes worden wekelijks vijf tot tien miljoen planten afgeleverd en vertrekken dagelijks tien tot twaalf vrachtwagens. „Als wij onze dienst verzuimen om goede planten te leveren, krijgt de teler nooit een broccoli of bloemkool van het veld af.”
Die verantwoordelijkheid voelt hij wanneer hij door West-Friesland rijdt. „Dan kijk ik om me heen en denk ik: jeetje, stel je voor dat het misgaat. Je ziet het hier op het veld als het bij ons misgaat.” Angst mag dat volgens hem niet worden: „Die verantwoordelijkheid moet je ombuigen in zekerheid.”
West-Friesland is daarbij meer dan alleen de vestigingsplaats. Gitzels wijst op de ruimte, de nabijheid van telers en zaadbedrijven en de mogelijkheid om kassen met geothermie te verwarmen. Maar ook de mentaliteit telt. „West-Friese mensen zijn harde werkers, nuchter en direct. Daar voelen we ons goed bij.”
Ondertussen verandert de tuinbouw razendsnel. Gitzels werkt aan vermindering van chemische gewasbescherming, natuurlijke bestrijding en lager energiegebruik. Daarvoor heeft het bedrijf inmiddels een eigen R&D-afdeling. „Innovatie is een prachtige krachtterm, maar het is niets anders dan elke dag proberen te leren van de fouten die je maakt. Je werkt met natuur en daarmee is het nooit klaar. Het product is nooit perfect genoeg. Het proces is nooit perfect genoeg.”
Waar Gitzels zelf het meest trots op is? „Het familiebedrijf.” De volgende generatie heeft inmiddels een belangrijke rol gekregen. Voor de komende jaren hoopt hij vooral nog veel meer te begrijpen van wat zich rond de wortels van planten afspeelt. „Dat is een black box waar we nog heel veel van willen leren.”
En de Business Award? Daarover blijft Gitzels nuchter. „Dat moet de jury uitmaken. Ik ben gewoon ontzettend trots op wat iedereen met z’n allen doet, elke dag. En als mensen denken dat ze dat moeten belonen met zo’n prijs, dan sta ik daarachter.”
In de podcastserie *De Kracht achter het Succes* praten presentatoren Ger Welbers en Esther Zijl, directeur van Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord en juryvoorzitter van de NHN Business Awards, met William Gitzels over familie, vakmanschap, innovatie en de toekomst van de tuinbouw.
Gitzels stond zelf jaren aan het roer, maar droeg de leiding ruim twee jaar geleden over aan de volgende generatie. „Ik ben in eerste instantie kweker en teler”, zegt hij. In 2000 verhuisde het bedrijf naar glastuinbouwgebied Het Grootslag in Wervershoof. „Zonder ondernemerschap was het niet geworden wat het nu geworden is.”
Wat daar gebeurt, vat Gitzels eenvoudig samen: „Als je morgen een broccoli koopt in de winkel, dan is hij waarschijnlijk bij ons geboren.” Gitzels levert jonge planten voor onder meer broccoli, bloemkool en witte kool aan vollegrondstelers. Daarnaast werkt het bedrijf voor zaad- en veredelingsbedrijven in Seed Valley. „Zaadbedrijven zijn goed in kleine vierkante meters en dure handjes. Wij zijn goed in grote vierkante meters en handige handjes.”
Achter zo’n klein plantje gaat veel meer technologie schuil dan je zou verwachten. De kwaliteit moet steeds constanter worden, zeker nu telers hun planten steeds vaker volautomatisch in de grond zetten. „Het is kennis, maar het is ook vakmanschap. Ik denk dat die twee niet zonder elkaar kunnen.” Ondanks moderne kassen en klimaatregeling blijven volgens Gitzels „groene vingers” onmisbaar om onder wisselende omstandigheden precies de juiste plant af te leveren. (tekst loopt door onder de foto)
Links Ger Welbers, in het midden William Gitzels en rechts Esther Zijl. (foto: Streekstad Centraal)En dat gebeurt op enorme schaal. „We maken zo’n 200 miljoen planten per jaar.” In drukke periodes worden wekelijks vijf tot tien miljoen planten afgeleverd en vertrekken dagelijks tien tot twaalf vrachtwagens. „Als wij onze dienst verzuimen om goede planten te leveren, krijgt de teler nooit een broccoli of bloemkool van het veld af.”
Die verantwoordelijkheid voelt hij wanneer hij door West-Friesland rijdt. „Dan kijk ik om me heen en denk ik: jeetje, stel je voor dat het misgaat. Je ziet het hier op het veld als het bij ons misgaat.” Angst mag dat volgens hem niet worden: „Die verantwoordelijkheid moet je ombuigen in zekerheid.”
West-Friesland is daarbij meer dan alleen de vestigingsplaats. Gitzels wijst op de ruimte, de nabijheid van telers en zaadbedrijven en de mogelijkheid om kassen met geothermie te verwarmen. Maar ook de mentaliteit telt. „West-Friese mensen zijn harde werkers, nuchter en direct. Daar voelen we ons goed bij.”
Ondertussen verandert de tuinbouw razendsnel. Gitzels werkt aan vermindering van chemische gewasbescherming, natuurlijke bestrijding en lager energiegebruik. Daarvoor heeft het bedrijf inmiddels een eigen R&D-afdeling. „Innovatie is een prachtige krachtterm, maar het is niets anders dan elke dag proberen te leren van de fouten die je maakt. Je werkt met natuur en daarmee is het nooit klaar. Het product is nooit perfect genoeg. Het proces is nooit perfect genoeg.”
Waar Gitzels zelf het meest trots op is? „Het familiebedrijf.” De volgende generatie heeft inmiddels een belangrijke rol gekregen. Voor de komende jaren hoopt hij vooral nog veel meer te begrijpen van wat zich rond de wortels van planten afspeelt. „Dat is een black box waar we nog heel veel van willen leren.”
En de Business Award? Daarover blijft Gitzels nuchter. „Dat moet de jury uitmaken. Ik ben gewoon ontzettend trots op wat iedereen met z’n allen doet, elke dag. En als mensen denken dat ze dat moeten belonen met zo’n prijs, dan sta ik daarachter.”
