Moe. Af. Bekaf zelfs. Dát waren de dertien jonge helden van de brandweer in Heerhugowaard zondagochtend wel, in verschillende gradaties. Maar ze konden toch maar mooi zeggen dat ze een échte 24-uursdienst hadden gedraaid. Met spectaculaire oefeningen op het water, in de rook en, toegegeven, ook récht voor een ijssalon die in dit geval gewoon de bestemming was.
De jeugdbrandweer leerde zo het brandweerwerk kennen met de typische combinatie van vermoeidheid, onzekerheid en een beetje chagrijn, zoals het er in de echte 24-uursdiensten ook aan toe gaat. Haastig uitrukken voor een brandmelding in de Mediamarkt en dan pas op het laatste moment horen dat er niks aan de hand is: die typische anticlimax van 'loos alarm' hoort ook bij het werk.
De dertien jongeren die zondagochtend om 9:30 uur hun piepers op tafel legden, klaar om naar huis te gaan, kénnen dat werk. Ze leren veel bij de jeugdbrandweer. Maar een 24-uursdienst is toch andere kost. (tekst gaat door onder de foto)
Bij de laatste uitruk zondagmorgen was de vermoeidheid wel merkbaar. (foto: Brandweer Heerhugowaard)Fien, Olivier en Rens nemen ná hun dienst nog even tijd om na te praten met Streekstad Centraal. "Ik denk dat bijna niemand echt heeft geslapen", bekent Fien (13). Zelf haalde ze misschien net drie uurtjes. Dat is meer dan Rens (14): "Een half uurtje misschien."
Voor Olivier (16) zal het ook zoiets zijn geweest. "Dat was chaos jongen! En dan ook nog die autobrand..."
De jongeren waren op de kazerne om te oefenen, maar er was ook nog een échte uitruk in de nacht van zaterdag op zondag. Een autobrand verderop in de stad, aan de Anna Polaktuin. "We hoorden de piepers van de volwassenen, we dachten even dat we zelf moesten", blikt Olivier terug. Maar ze konden zich omdraaien, al stonden de meesten toch voor het raam om de wagen te zien wegrijden. (tekst gaat door onder de foto)
Rens, Fien en Olivier maakten zondag nog even tijd voor Streekstad Centraal. (foto: Streekstad Centraal)"Ja, een echte brand, daar ga ik anders ook wel even bij kijken natuurlijk", vertelt Fien. Zo is het ook voor Rens en Olivier: het boeit ze toch, het brandweervak, ook als ze gewoon op school zitten. "Ik ben er in mijn hoofd bijna elke dag wel mee bezig", zegt Olivier. "Ik wil hier als ik volwassen ben ook mee verder, ik wil Officier van Dienst worden."
Met die ambitie houden ze rekening bij de Heerhugowaardse jeugbrandweer. Speciaal voor Olivier was er tijdens deze 24-uursdienst ook een oefenrol voor de 'OVD', zoals dat in brandweertermen wordt afgekort. Olivier kon dus met bijpassend pak de beide eenheden aansturen, want dát is de taak waar hij zich op voorbereidt.
Aan zijn 24-uursdienst begon hij redelijk nuchter. "Ik had wel verwacht dat we meteen een melding zouden krijgen. Maar we wisten natuurlijk niets van tevoren." (tekst gaat door onder de foto)
Een oefening bij het Zeekadetkorps vergde wat voorbereiding, maar moest voor de jeugdbrandweer zélf een verrassing blijven (foto: Brandweer Heerhugowaard)Fien lette anders wel goed op eventuele aanwijzingen. Toen één van de begeleiders al een uur weg was vond ze dat toch verdacht. "Toen zei ik wel, er komt wat." En dat klopte, er moest wat worden klaargezet en even later kon de oefening beginnen. Toch een leermomentje, lachen de begeleidende brandweerlieden naderhand. Het moet nog nét wat stiekemer.
Dat er ook een nachtelijke uitruk in zat, dat hadden ze alle drie wel gedacht. "Om 2:00 uur 's nachts precies kwam de melding", herinnert Rens zich. "Er lag iemand te water bij het Strand van Luna." Niet echt natuurlijk, maar voor een oefening serieus genoeg. Alle drie wisten ze: Luna, daar is het pikkedonker.
"Ja, we hebben de lichtmasten op de wagen aangezet", vertelt Olivier. "En ik had een zaklamp mee", vult Fien aan. Aan touwen gingen ze de nattigheid in om volgens de veiligheidsvoorschriften hun werk te doen. (tekst gaat door onder de foto)
Rens, Olivier en Fien hebben elk hun eigen rol. Olivier oefent voor Officier van Dienst. (foto: Streekstad Centraal)Veiligheid gaat bij de brandweer voor alles. Daar leren de jonge brandweerlieden ook veel over. "Bij de jeugdbrandweer zit je ook gewoon vaak in het leslokaal", legt Rens uit. "Oefenen is natuurlijk wel het leukste maar dit hoort er ook bij."
Zelf combineert hij de jeugdbrandweer nog met voetbal, waar hij als scheidsrechter actief is. Fien voetbalt ook, Olivier gaat regelmatig naar de sportschool. Maar de jeugdbrandweer zorgt toch wel voor de bijzonderste verhalen.
"Nou, mijn vrienden denken wel: wat ga je daar nou doen", relativeert Fien lachend. "Dan vertel ik erover en dan zeggen ze, stop maar hoor." (tekst gaat door onder de foto)
Tussen de serieuze oefeningen door hoort een uitruk voor een ijsje er ook gewoon bij. (foto: Brandweer Heerhugowaard)Zolang ze het zélf maar interessant vinden. "Er is een wachtrij bij de jeugdbrandweer in Heerhugowaard", weet Olivier. Het spreekt toch veel mensen aan: de oefeningen, de verantwoordelijkheden, maar ook de lol onderling. Een melding met lage prioriteit waar ze dan tóch in grote haast op afrennen, om vervolgens te ontdekken dat er gewoon een ijsje op het programma staat.
Dat is ook de jeugdbrandweer. En meer: ze kookten ook samen, deden daar zelf de boodschappen voor. Een gezellige avondmaaltijd tussen de brandweerwagens. Een potje voetbal. (tekst gaat door onder de foto)
De kazerne werd door de jeugdige keukenbrigade omgevormd tot eetzaal. (foto: Brandweer Heerhugowaard)"We hebben ook verstoppertje gespeeld", zegt Olivier. "Toen ging net dat ding piepen en zat ik half vast achter een rolstoel. Daar hebben ze me toen even achter vandaan moeten trekken."
Het is spannend, maar tegelijk óók veilig. Blessures zoals die in het voetbal nogal eens voorkomen zijn eigenlijk niet aan de orde. "Ik heb volgens mij maar één keer een blessure gehad", zegt Olivier. "O, wat had je?" vraagtr Fien meteen. "Een verzwikte enkel. Ik liep in het donker en miste een afstapje."
Rens verwoordt dan de blessure die ze allemaal wel voelen, na die dienst van 24 uur: "Ik heb pijn aan mijn poten! Verkeerd gelegen zeker. Ik weet niet of ik zo nog kan slapen, maar móé, ja, dat ben ik wel. Maar dat wisten we toen we hieraan begonnen."
